Ik spreek vloeiend systeems

Ik hoor het mezelf vaak zeggen: ‘Bij Spectrum kennen we de leefwereld van bewoners en spreken we de taal van de systeemwereld. En daarom heb je aan ons een goeie om beide werelden met elkaar te verbinden.’ Ik meen dat van mijn tenen tot mijn kruin. Wat levert het op om ‘systeems’ te kunnen spreken?

Soms hoor je alleen een accent, soms is het echt een verschillende taal die bewoners en ambtenaren spreken. Bewoners die ‘iets’ met de gemeente willen en daarover in gesprek gaan, snappen meestal wel dat de gemeente gebonden is aan regelgeving. Er werken mensen bij de gemeente die begrijpen hoe inwoners redeneren en in staat zijn om soepel door het gemeentelijk apparaat te laveren.

Heilige regels versus elegante oplossingen
Elke organisatie heeft een zekere mate van bureaucratie nodig om mensen op dezelfde manier tegemoet te treden. Regels helpen om eerlijk en rechtvaardig te handelen. Het gaat wringen als de regels heiliger lijken dan het welzijn van inwoners; wanneer de systematiek van afdelingen en verantwoordelijke organisaties een elegante oplossing in de weg staan.
Ik ken een dorp waar de voetbalvereniging een verouderde kantine heeft. Er is tegelijk behoefte aan een dorpshuis. Het lijkt het ei van Columbus om die twee te combineren. De werkgroep die plannen maakt, heeft genoeg technische kennis in huis om met doortimmerde voorstellen te komen. Maar elk voorstel wordt tot nu toe afgewezen.

Wat niet gezegd kan worden
In dergelijke situaties is het nuttig om er als een onafhankelijke tolk tussenin te gaan zitten. Apart van elkaar de partijen te spreken en de verschillende belangen en beweegredenen te doorgronden. De belanghebbenden juist eventjes niet met elkaar in gesprek brengen, maar eerst verkennen. Soms speelt er iets bij de gemeente dat nog niet gezegd kan worden. En dat kan van alles zijn, soms ook heel persoonlijk: een politieke reputatie die wankelt, verborgen agendapunten, de bestuurscultuur, een financieel lijk in de kast, druk van de gemeenteraad, of van een regionale ondernemer, nieuwe onervaren bestuurders die nog onzeker zijn en soms zelfs heibel thuis.

Van overlast binnen de norm heb je geen hinder
Mijn collega Maaike vertelde laatst ook een mooi voorbeeld. Midden in een dorp is industrie. Welkom als werkgever, maar bewoners hebben ook overlast van de bedrijvigheid en het vrachtverkeer. Dat geeft spanning als het bestemmingsplan op tafel ligt. De ambtelijke reactie is strikt juridisch: over decibellen en wettelijke normen. Uitgedrukt in een besluit dat zo nodig tot de Raad van State standhoudt. Maar dat het binnen de kaders blijft, maakt de overlast voor inwoners niet minder.
In zo’n geval helpt het om bewoners uit te leggen waarom een gemeente zo reageert. En andersom probeer je het onbegrip en de boosheid van bewoners in de juiste systeemtaal over te brengen bij het bestuur. Want die beweging kun je als gemeente immers ook maken: ‘beste bewoners wat hier gebeurt mag, maar we kijken desondanks of we met elkaar maatregelen kunnen treffen die de overlast beter hanteerbaar maken’. Het gaat toch over samen leven? Het zou niet zo moeilijk moeten zijn.

Vertrouwen
Bij een congres van het LCGW hoorde ik laatst welke beroepsgroepen het minst vertrouwd worden. Bankiers staan op nummer een, direct gevolgd door politici en ambtenaren. Die bankiers snap ik, maar de reputatie van ons politieke bestuur zou toch wel wat hoger mogen. Dus als ik daarbij mag vertalen?

(juni 2019)

De Leefbaarheidsalliantie Gelderland maakt een serie Burgerparticipodcasts over het swingende samenspel tussen inwoners en gemeenten.
 Luister deel 1 af via iTunes of Spotify

Contactpersoon