• Vijf lessen die wij van de transformatie in Denemarken kunnen leren

Vijf lessen die wij van de transformatie in Denemarken kunnen leren

In september 2015 maakten diverse bestuurders en managers van zorg- en welzijnsinstellingen een driedaagse studiereis naar Denemarken. Met eigen ogen zagen ze hoe gemeenten en zorginstellingen daar handen en voeten geven aan de Deense transformatie. Hoe zijn provincies en gemeenten daar georganiseerd? Hoe functioneert het sociaal domein? Welke innovaties leveren besparing én kwaliteitsverbetering op? Deze vijf inspirerende lessen namen ze in ieder geval mee terug naar Nederland. 

1. Bottom up vormgeven van beleid

In Denemarken wordt het sociale beleid wordt, net als al het overige beleid, samen met de burgers vanuit een bottum up proces vormgegeven. Politici gaan letterlijk naar de mensen toe om daar op te halen wat de burgers en organisaties willen en nodig hebben. Samen wordt uiteindelijk het beleid gemaakt.
Deze aanpak kost aanvankelijk veel tijd en inspanning, maar levert later tijdens de implementatie veel tijd op. Iedereen weet dan immers precies waar het over gaat, en ook wat de (on)mogelijkheden van de gemeente zijn binnen het gegeven kader. Het gat tussen verwachtingen en mogelijkheden is dus minimaal.

2. Visie en vertrouwen

Het bovenstaande bottom up vormgeven van beleid zorgt ervoor dat er een sterke visie is, die door iedereen (uitvoerenden, management en politici) overtuigd gedeeld en uitgedragen wordt. Er is nauwelijks tegendruk of scepsis. In plaats daarvan is er onderling vertrouwen. Ook van en naar de burgers.
Privacy blijkt bijvoorbeeld geen issue in het sociaal domein. Iedereen heeft er vertrouwen in dat de ander zorgvuldig met informatie omgaat. Het is vanzelfsprekend dat als een professional informatie van een burger wil delen met een andere professional, dit eerst aan de burger gevraagd wordt. En het hoeft vervolgens niet in drievoud te worden aangetoond dat dit ook daadwerkelijk gebeurd is. Controleren vanuit wantrouwen is in Denemarken niet aan de orde.

3. Hervorming gemeenten en provincies

Vanaf 2005 doemde de vraag bij de Deense landelijke politiek op: hoe krijgen we een efficiënter zorgstelsel. Hervorming van gemeenten en provincies zou hierin een slimme zet zijn, maar leek in het begin ondenkbaar. Maar dankzij de bottom up-aanpak zoals hierboven beschreven, werd het in 2007 toch werkelijkheid: het land ging van 300 naar 100 gemeenten, en van 14 provincies naar 5 regio’s.
Regio’s zijn verantwoordelijk voor de ziekenhuis- en huisartsenzorg en gemeenten voor de overige zorg en onderwijs. Nu de gemeenten groter zijn, hebben ze de benodigde slagkracht om zaken efficiënter aan te pakken en kunnen ze meer investeren. Ze hebben ook meer kracht om op economisch vlak te handelen. Ze zijn bijvoorbeeld voortdurend op zoek naar internationale investeringen om lokale groei te bewerkstelligen.

4. Zelfbeschikking

Zoals gezegd, is er in Denemarken een sterke gedeelde visie onder politici, management en werkvloer. En die visie houdt in: elke burger beschikt over zijn eigen leven. De gemeente daagt uit en helpt waar nodig, maar altijd houdt de burger zelf de regie en verantwoordelijkheid.
Zorg is erop gericht om uit te zoeken wat mensen nog zelf kunnen of weer zelf kunnen met gerichte therapie. Het is belangrijk dat medewerkers geen zorg uit handen nemen maar zelfstandigheid stimuleren. Ouderen in een verpleegcentrum moeten bijvoorbeeld deelnemen aan alles wat erop gericht is om ze zelfredzaam te maken en te houden. Als iemand echt niet wil dan houdt het natuurlijk op, maar alle medewerkers worden getraind in motiverende gesprekstechnieken.

5. Prikkel tot innovatie

De nieuwe herinrichting van gemeenten en provincies prikkelt gemeenten tot innovatie. Het daagt hen uit om alle zorgvragen van burgers zoveel mogelijk zelf op te lossen, in plaats van in te kopen bij de regio. Een goed voorbeeld zijn gespecialiseerde residentiële zorginstellingen. Voor de decentralisatie vielen deze onder de verantwoordelijkheid van de provincie, maar vanaf 2007 kregen gemeenten de mogelijkheid ze volledig over te nemen. Zeer gespecialiseerde instellingen werden toen niet overgenomen, maar inmiddels willen gemeenten dit wel graag. Ze zijn van mening dat ze het zelf beter kunnen organiseren, in combinatie met de andere zorg die ze al in handen hebben.Coördinatie, overleg en afstemming is veel gemakkelijker als alles onder de gemeente valt. En ook politieke besluitvorming gaat sneller; men zit er dichter op, de lijnen zijn kort en er is dialoog mogelijk.

De studiereis werd georganiseerd door collega-organisatie JSO. Spectrum nam ook deel aan de studiereis samen met diverse Gelderse wethouders en managers van zorg- en welzijnsinstellingen. Deze blog is eerder gepubliceerd op www.jso.nl.